Komende cantate

180px-Johann_Sebastian_Bach.jpg

Zondag 12 mei 2019
Cantate BWV 104  "Du Hirte Israel, höre"

 

De zondag waarvoor Bach deze cantate schreef, heet in het Luthers kerkelijk jaar: de zondag van Gods barmhartigheid (misericordias domini). De lezing uit het Nieuwe Testament gaat over Jezus die als een goede herder zijn leven inzet voor zijn schapen. Maar het beeld van de goede herder vinden we ook al in het Oude Testament, voor God die het volk Israël leidt. Zo is de tekst van het openingskoor van de cantate ontleend aan psalm 80.

Geïnspireerd door dat beeld componeert Bach zijn cantate BWV 104 in een liefdevolle en sterk pastorale sfeer. In het grote openingsdeel hoor je de telkens terugkerende roep “höre!” en “erscheine!” uit psalm 80:2 als een smeekbede aan God om zich niet langer voor de gelovige te verbergen. Maar dan zingt de tenor in een recitatief, dat hij geheel zonder zorgen kan zijn omdat de goede herder hem behoedt, uitlopend in een arioso met drie maal herhaald “Gott ist getreu”. En hij vervolgt met een aria, begeleid door twee oboi d’amore en fagot, waarin lang aangehouden noten tot uitdrukking brengen dat we soms vinden dat ons geduld nog wel erg op proef wordt gesteld. Daarna komt de bariton, ook eerst met een recitatief, waarin hij de goede herder om diens leiding smeekt. En vervolgens met een dankbare aria, in een weidse 12/8 maat: dat de hemel hier op aarde werkelijk al een beetje zichtbaar is – zij het dat we, in het ook letterlijk diepgaande middendeel van de aria, nog wel door de “sanfte Todesschlafe” heen zullen moeten gaan om de hemel echt te bereiken. Het slotkoraal is een eenvoudige bewerking van de ook in Bachs tijd geliefde psalm 23.

Slotkoraal  nu vast oefenen? klik de pagina hieronder aan, en kies de mp3 van je stem (onder de tekst)!